Anne Teresa De Keersmaeker

Anne Teresa De Keersmaeker (°1960) maakte haar eerste choreografie Asch in 1980, na haar studie dans aan Mudra in Brussel en de Tisch School of the Arts in New York. Twee jaar later ging Fase, Four Movements to the Music of Steve Reich in première. In 1983 richtte De Keersmaeker in Brussel het dansgezelschap Rosas op, tijdens de creatie van de voorstelling Rosas danst Rosas. Sindsdien berust haar choreografisch werk op een nauwgezette verkenning van de band tussen dans en muziek. Met Rosas creëerde ze een omvangrijk oeuvre dat gebruikmaakt van muzikale structuren en partituren uit verschillende tijdperken, van oude muziek tot hedendaagse composities en popmuziek. Haar choreografische praktijk ontleent ook vormelijke principes aan de geometrie, wiskundige schema's, de natuur en sociale structuren, resulterend in een unieke kijk op de beweging van het lichaam in tijd en ruimte.

 

Van 1992 tot 2007 was Rosas in residentie bij het Brusselse operahuis De Munt/La Monnaie. In die periode regisseerde De Keersmaeker een aantal opera's en grote ensemblestukken die sindsdien uitgevoerd werden door repertoiregezelschappen uit de hele wereld. In Drumming (1998) en Rain (2001), lagen complexe geometrische en contrapuntische structuren, geïnspireerd op de minimalistische muziek van Steve Reich, aan de basis van fascinerende groepschoreografieën die tot op heden de identiteit van het dansgezelschap tekenen. Tijdens haar residentie bij De Munt maakte De Keersmaeker Toccata (1993) op fuga's en sonates van Johann Sebastian Bach, wiens muziek later nog meermaals in haar werk zou terugkeren. In Verklärte Nacht (zowel de versie voor veertien dansers uit 1995 als die voor drie dansers uit 2014) bracht ze het stormachtige verhaal van Arnold Schönbergs laatromantische strijksextet tot leven. Ze begaf zich op het terrein van het theater, gebruikte teksten en werkte multidisciplinair in I said I (1999), In real time (2000), Kassandra – speaking in twelve voices (2004) en D'un soir un jour (2006). De Keersmaeker onderzocht de plaats van improvisatie in de choreografie, op jazz en Indische muziek, in stukken zoals Bitches Brew / Tacoma Narrows (2003, met muziek van Miles Davis) en Raga for the Rainy Season / A Love Supreme.

 

In 1995 stichtte De Keersmaeker in Brussel de school P.A.R.T.S. (Performing Arts Research and Training Studios), in samenwerking met De Munt/La Monnaie.

 

In De Keersmaekers meest recente stukken staat een ‘uitpuren’ van de choreografie tot een aantal essentiële principes op de voorgrond: de ruimtelijke dwang van meetkundige motieven; lichamelijke parameters voor het produceren van beweging, van het allereenvoudigst stappen tot de meest complexe dansbewegingen; het nauw navolgen van een (muzikale of andere) partituur bij het schrijven van de choreografie. In 2013 keerde De Keersmaeker terug naar Bach met Partita 2, een duet met Boris Charmatz. Nog in 2013 maakte ze Vortex Temporum op de gelijknamige spectrale compositie van Gérard Grisey uit 1996. Hierin bereikte haar voorliefde voor het schrijven van bewegingen op muziek een uiterste verfijning: door te kiezen voor een één op één verhouding tussen de dansers en de muzikanten ontstond er een nauwe dialoog tussen choreografie en muziek. In 2015 werd dit stuk herwerkt tot de negen weken durende tentoonstelling Work/Travail/Arbeid die doorging in WIELS te Brussel. Ook in 2015 ging Golden Hours (As you like it) in première; hierin gebruikte Rosas voor het eerst een bestaande tekst (Shakespeares As You Like It) als partituur voor de beweging, waardoor de muziek (Brian Eno's album Another Green World uit 1975) in plaats van een strikt choreografisch kader een sonore omgeving werd. Later datzelfde jaar zette Anne Teresa De Keersmaeker het onderzoek naar de relatie tussen tekst en beweging verder in Die Weise von Liebe und Tod des Cornets Christoph Rilke, een creatie gebaseerd op de gelijknamige tekst van Rainer Maria Rilke.

 

In de driedelige boekenreeks A Choreographer's Score, een publicatie van Rosas en Mercatorfonds, biedt De Keersmaeker de theoretica en musicologe Bojana Cvejić inzicht in het ontstaan van vier van haar eerste werken en van Drumming, Rain, En Atendant en Cesena.